Ik kreeg een mailtje: “Beste truus, Wekelijks lees ik uw column in de observant. Wat mij opvalt is dat deze bezaaid zijn met referenties naar uw buitengewoon mooie uiterlijk. Ik en menig ander zijn erg benieuwd hoe dit zich naar de waarheid vertaald? Hopend op positieve reactie.”
Was getekend: een psychologiestudent van wie ik de naam natuurlijk niet prijs geef, wij coaches/levensadviseurs hebben beroepsgeheim, een gedragscode, en als er iemand is die zich daaraan houdt ben ik het wel. Wat valt op in dit mailtje? Nee, niet het taalfoutje, daar leer je mee leven, maar wel de ietwat hitsige ondertoon. Deze jongen, ik noem hem even Jan, wil weten of het wel klopt dat ik zo’n knapperd ben (ik heb hem naar waarheid geantwoord dat mijn man en de rector veel aandacht aan me besteden), maar vooral dat laatste zinnetje, ‘hopend op positieve reactie’, daar schuilt een wereld van jongensleed achter, denk ik zo. Jan lijkt me het type dat zwijmelt bij de gedachte aan een, ik formuleer het maar even in jongenstaal, een lekker wijf. Hij hoopt dat er zich eentje aandient waar hij vervolgens naar hartelust mee kan doen wat hij wil. Nu moet ik zeggen dat de gedachte eraan me niet onberoerd laat, zo’n twintigjarig haarloos lijfje, hmm, maar voor ik me toch waag aan die ‘positieve reactie’ moet er nog heel wat gebeuren hoor. Hij denkt natuurlijk dat ik me op zijn kamertje presenteer en hem vraag: nou Jan, klopt het, ben ik even mooi als je dacht? Zal ik iets voor je uittrekken? Waar zal ik beginnen?
Ach, de arme ziel, het gaat niet gebeuren want ik lees in de kranten dat er een enquête is gehouden naar het seksleven van studenten en daar komen verontrustende zaken uit. Bijvoorbeeld dat de helft voor zijn achttiende is ontmaagd. Zou Janneman daar wel bij horen? Erger is dat de helft zegt dat ze ‘goed’ zijn in bed, 12 procent zegt zelfs ‘heel goed’. Kijk, als je dat dan weer combineert met de uitkomst dat 30 procent wel eens aan anale seks heeft gedaan, tja, dan waag je je als vrouw toch niet meer in een studentenkamer? Gatverdamme, sorry hoor, ik val even uit mijn rol maar een coach is ook maar een mens. Stel je nu voor dat ik op het verdekte verzoek van Jan inga en hem een bezoekje breng op zijn kamertje van drie bij vier. Met een bureautje en een eenpersoonsbed en veel Kuifjes in de boekenkast. En stel je nu voor dat Jan deel uitmaakt van al deze percentages. Dat hij dus denkt dat hij (heel) goed is in bed, en dat hij het graag op zijn Grieks doet. Daar sta je dan als nietsvermoedend meisje nadat je een beetje met hem hebt zitten flirten in de kroeg en best wel gezellig wil knuffelen om het rond te maken, vooruit, je hebt best zin in een potje seks, maar dan gaat meneer ineens dominant doen! Hij duwt en trekt en sjort en hannest aan je dat het een lieve lust is, want meneer denkt dat hij het allemaal weet en dat hij ‘heel goed’ is. Niet even rustig uitproberen wat voor jou werkt, nee, meneer heeft zijn recepten, beproefde recepten mag ik wel zeggen, iedereen was er altijd enthousiast over, hij kreeg laaiende recensies en daar mag jij dan nu een nieuw hoofdstuk aan toevoegen. Hup, reet omhoog en rammen maar met die Johannes!
Sorry jongens en meisjes, neem nu van mij aan dat het zo niet werkt. Ik mag voor jullie oud zijn met mijn 43 jaar maar ik kan bogen op enige ervaring. Ook ik ben wel eens meegetroond door een Clooney-achtig persoon die er vervolgens een enorme knoeipartij van maakte en naderhand alleen maar gefrustreerd wist uit te brengen dat alle meisjes altijd zeiden dat hij zo goed was in bed. Nou, niet in mijn bed dus!
Truusje Tintemans