FHML kiest voor verbouwing huidige proefdiervoorziening

FHML kiest voor verbouwing huidige proefdiervoorziening

Decaan Schols: “Universiteitssingel 50 moet je zien als het nieuwe biomedisch centrum”

30-01-2023 · Nieuws

Er komt definitief geen nieuw gebouw voor het proefdiercentrum. In plaats daarvan wordt de nieuwe Centrale Proefdiervoorziening (CPV) gebouwd binnen de huidige locatie, Universiteitssingel 50. Daar hebben, na het bestuur van de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences en het MUMC+, nu ook het college van bestuur en de Raad van Toezicht mee ingestemd. Men hoopt dat de voorziening in 2025 in gebruik genomen kan worden.

Het heeft heel wat voeten in de aarde gehad voordat het besluit genomen werd. In de zomer van 2021 hoort het FHML-bestuur voor eerst van de mogelijkheid om de huidige CPV te verbouwen. “Ons was vanaf het allereerste begin verteld dat dat niet kon”, zei toenmalige vice-decaan Nanne de Vries later in de faculteitsraad.

Een aantrekkelijk alternatief: de nieuwbouwkosten voor een zogeheten biomedisch centrum (BMC), waarvoor al ruim tien jaar plannen bestonden (zie kader), zijn inmiddels verdubbeld ten opzichte van de oorspronkelijk begrote 22 miljoen euro. Het bestuur besluit te onderzoeken of een verbouwd CPV aan alle voorwaarden kan voldoen. “We gaan hier niet met minder aan de slag”, zei toenmalig bestuurslid Jos Prickaerts tegen Observant. “Het uitgangspunt is dat het programma van eisen voor het BMC precies wordt overgenomen. Dat zijn we nu aan het onderzoeken: is het functioneel en technisch haalbaar en wat zijn de kosten?”

Kans

Het feit dat de UNS 50 sowieso al wordt gerenoveerd én dat door corona het hybride werken is opgekomen, is uiteindelijk een kans gebleken, zegt FHML-decaan Annemie Schols nu. “Toen ik nog directeur bij onderzoeksinstituut NUTRIM was, ging het bestuur ervan uit dat we meer kantoorruimtes en minder laboratoria nodig hadden. Tijdens corona hebben we gezien dat het juist de onderzoeksinfrastructuur is die mensen naar de campus trekt. Wij hebben de hele lijn: van labwerk tot klinisch onderzoek in het MUMC+. De proefdierfaciliteiten passen daar heel goed tussen. Je moet de UNS 50 zien als het nieuwe biomedisch centrum; alles is hier al bij elkaar.”

Het zijn ook de andere labs – bijvoorbeeld SCRUM, de nieuwe Stamcel Research Unit Maastricht, en de geavanceerde imaging infrastructuur van M4I – die het makkelijker maken om aan het plan van eisen voor de CPV te voldoen. Die renovaties maken het haalbaar om nieuwe technieken, onder andere op het gebied van ventilatie, toe te passen. De CPV vormt straks een soort kolom over een gedeelte van de eerste vier verdiepingen van het gebouw. “Dichtbij de andere labs. Daardoor kan transport (naar buiten, red.) van materiaal zoveel mogelijk worden voorkomen.”

Meerdere functies

Prickaerts verwachtte indertijd dat het haalbaarheidsonderzoek in de eerste maanden van 2022 klaar zou zijn en dat er dan een besluit genomen kon worden. Dat heeft langer geduurd. “Zo gaan die dingen soms”, zegt Schols. “We wilden heel goed uitzoeken hoe we ruimte konden vrijspelen en waar alles zou komen. Aan alle behoeftes – denk bijvoorbeeld aan specialistische apparatuur – van onderzoekers wordt in dit plan voorzien.” Daar komt bij dat de renovatie van de UNS 50 al een logistieke puzzel was en dat deze verbouwing er ook ingepast moest worden. “Dat is gelukt en iedereen kan blijven doorwerken, we hebben dus geen tijdelijke gebouwen nodig.”

Bijkomend voordeel van het besluit, aldus Schols, is dat de proefdiervoorziening hiermee in een gebouw blijft dat sowieso al meerdere functies heeft. “Waar mogelijk gebruiken onderzoekers al alternatieven, maar momenteel zijn dierproeven nog nodig. Mocht dat over vijftien jaar af gaan nemen, dan kunnen we deze ruimtes voor iets anders gebruiken, door ze bijvoorbeeld bij een ander lab op dezelfde verdieping te trekken.”

De komende tijd zal het bestuur de details verder uitwerken met de medewerkers en onderzoekers van de CPV, Schols verwacht daar in de loop van 2023 klaar mee te zijn. De vernieuwde ruimtes zouden in 2025 gefaseerd in gebruik genomen kunnen worden.

Geschiedenis BMC

2011: In de begroting voor 2012 is voor het eerst sprake van een nieuw te bouwen proefdiercentrum. De verwachting is dat dit in 2014 klaar zal zijn.

2014: Protesten tegen proeven met grote honden. De universiteit besluit dit soort proeven voortaan niet meer uit te voeren. Het programma van eisen, opgesteld door een commissie onder leiding van oud-hoofddocent Gerard Majoor, wordt aangepast aan de nieuwe omstandigheden.

2015/2016: Het plan-Majoor is af, maar wordt gezien als te complex en te duur. Prof. Leon de Windt, nu projectleider BMC, krijgt van het faculteitsbestuur de vraag om er kritisch naar te kijken.

2018: De Windt presenteert een totaal nieuw plan voor het BMC.

2019: De bouwvergunning wordt aangevraagd en goedgekeurd. Men denkt het nieuwe pand in 2021 te kunnen betrekken.

2021: Vanwege de mede door corona sterk gestegen bouwkosten overweegt het bestuur om de huidige CPV te verbouwen in plaats van te beginnen met de nieuwbouw.

2023: FHML besluit de huidige CPV te verbouwen, de nieuwbouw is definitief van de baan. Decaan Annemie Schols noemt Universiteitssingel 50 “het nieuwe BMC”.

Auteur: Cleo Freriks

Foto: Shutterstock

Categoriëen: Nieuws, nieuws_boven
Tags: BMC,dierproeven,proefdieren,proefdiercentrum,FHML,CPV

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.