De bouwput
“Het kabaal van de bouwmachines start vaak al om zeven uur ’s ochtends, soms staan ze vlak naast je raam”, verzuchtte een Poolse student begin november. Twee maanden eerder betrok ze een net opgeleverde ‘containerwoning’; slapen met oordoppen was geen overbodige luxe. “Maar gelukkig zal dat snel niet meer nodig zijn”, zei ze destijds hoopvol. De laatste van de zes gebouwen was immers over een halve maand klaar voor verhuur.
Acht maanden later, begin juni, is het nog steeds een komen en gaan van machines rondom de gebouwen. Bij iedere windvlaag waait zand en stof op, “als je je raam vergeet dicht te doen, ligt je hele kamer onder”, klaagt een Duitse student. Pas sinds een paar dagen is men met de bestrating van het terrein begonnen; daarvoor was het kale grond. Vooruit, in de winter werd grind gestrooid, zodat bewoners niet met al te modderige schoenen de voordeur bereikten. “Maar als je een student bent met een handicap, heb je een probleem”, zegt een Kazachse student.
Een ‘bouwput’, zo omschrijven vrijwel alle studenten die Observant sprak – een tiental verspreid over het collegejaar (hun namen zijn bij de redactie bekend) – de plek waar ze wonen. De geluidsoverlast is er niet minder op geworden sinds november. Een bewoner: “Ik ken veel mensen die overdag ‘wegvluchten’ naar bijvoorbeeld de bibliotheek, omdat ze anders gek worden van het geluid. Het is lastig om je hier te concentreren.”
“Wij hadden dat ook veel liever anders gezien”, laat Joep Gubbels, contactpersoon namens de firma Studenten Huisvesting Maastricht (SHM; eigenaar van de panden), desgevraagd weten. “Door de situatie in de bouw, waar de levering van materialen is vertraagd, ging het niet anders. Op dit moment wordt er gelukkig flink doorgewerkt. De planning is dat het terrein in augustus, dus voor het begin van het nieuwe collegejaar, grotendeels af is.”
De kinderziektes
Vier wasmachines voor meer dan 800 woningen – de 600 nieuwe plus de ruim 250 al bestaande studio’s. Dat was wekenlang de situatie afgelopen najaar. “Een grote chaos”, omschrijft een Duitse student het. “Uit wanhoop ging ik maar mijn was doen bij mijn grootouders in Düsseldorf.” De oorzaak? Wederom vertraging bij leveranciers, vertelt property manager Janou Sangers van Plaza Resident Services, dat de gebouwen namens SHM beheert. “Uiteindelijk konden we pas in december in elk gebouw een wasserette inrichten.”
En zo kampte men met meerdere ‘kinderziektes’. Vooral in de eerste maanden moesten bewoners het door werkzaamheden regelmatig een aantal uur, soms zelfs een halve dag, doen zonder elektriciteit of stromend water. “Dat werd vooraf aangekondigd, maar uiteindelijk veranderde het tijdstip vaak op het laatste moment”, klinkt het bij meerdere studenten. “Dan zit je opeens met een lege laptop.” Sangers beaamt dat er vaak iets ingetrokken of gewijzigd werd. “Maar dat communiceerden we met lood in de schoenen, want we wisten dat het vervelend was. Vaak was het overmacht: werkzaamheden konden niet doorgaan door bijvoorbeeld slechte weersomstandigheden of langere levertijden.”
Maar de “moeder van alle problemen”, vertelt een Duitse student, was toch wel de airconditioning die de studio’s van zowel warme als koude lucht voorziet. “Die maakte een hard, tikkend geluid, zelfs als hij uitstond. Zonder oordopjes was het ’s nachts niet vol te houden. Op een gegeven moment heb ik zelf maar een elektrische kachel gekocht; als je de airco niet gebruikte was het getik minder hard.” Ondanks veelvuldig contact met de beheerder, kwam er maandenlang geen oplossing, vult een andere bewoner aan. “Gekmakend was het. Op een gegeven moment hoorden we helemaal niks meer vanuit Plaza. Totdat het geluid na een half jaar opeens verdween.”
Dat was een ingewikkelde opgave, legt Sangers uit. “De fabrikant stuurde zelfs experts uit het buitenland. Die moesten in iedere studio handmatig de instellingen wijzigen. Uiteraard niet zonder toestemming van de bewoners; het duurde even voordat we dat van iedereen kregen. We communiceerden er niet over, omdat wel al zo vaak over reparaties mailden. Daarin moet je doseren, anders lezen bewoners het niet meer.”
(Tekst gaat verder onder foto)
Werkzaamheden rondom het gebouw begin juni, een klein jaar na het intrekken van de eerste bewoners
De sfeer
“We willen hier een gemeenschap creëren”, vertelt Sergio Aspers, namens Plaza eerst caretaker en inmiddels property manager, terwijl hij over het terrein loopt. Enthousiast begroet hij langslopende studenten en knoopt hij praatjes aan. “Veel studenten wonen ver van hun familie. Zij moeten zich hier thuis voelen.” Hij wijst naar de plekken waar binnenkort onder meer picknickplekken en een plein moeten verschijnen. “Misschien kunnen we hier over een tijdje wel een ‘Sorbonnefestival’ houden.” Ook is men bezig om de wasserettes in ieder gebouw om te toveren tot gemeenschappelijke ruimte. “We willen overal een tv, tijdschriften en een dartbort plaatsen.”
Dat is mooi, maar had eerder gemogen, menen de studenten. Al het hele jaar klagen ze over een gebrek aan ontmoetingsplekken. “Er wonen 800 studenten om mij heen, maar toch ken ik hier bijna niemand”, klinkt het regelmatig. “Meerdere studiegenoten wonen in een van de andere gebouwen, maar toch loop ik ze hier nooit tegen het lijf. Alleen op de universiteit.” Ja, één woonblok op het terrein heeft een common room, maar daar gaan ze zelden of nooit heen. “Erg welkom voel ik mij er niet, je ziet er altijd dezelfde gezichten”, zegt een Duitse student. Voor de rest: vooral kale gangen. En gezellig buiten samenzitten is nog niet aan de orde. “Dat is zelfs gevaarlijk, tussen al die machines”, zegt een ander.
In het begin, toen veel mensen net introkken, was de sfeer bovendien onaangenaam. Medewerkers van Plaza liepen regelmatig rond om een oogje in het zeil te houden, bijvoorbeeld om te wijzen op verkeerd geplaatste fietsen of afvalzakken. “Eén van hen stond erom bekend dat op een agressieve en dreigende manier te doen”, vertel een bewoner. “Dat leverde nogal wat conflicten op. Ik voelde me totaal niet welkom, alsof de beheerders tegen studenten zijn en denken dat die alleen maar dingen komen slopen. Gelukkig gaat dat de laatste tijd iets beter.”
Aspers beaamt dat laatste. “Sinds driekwart jaar is de relatie met de studenten heel goed. De persoon die in het begin bij wat incidenten betrokken was, is hier inmiddels niet meer werkzaam.” Maar, stelt hij, het is wel belangrijk dat het personeel grenzen stelt. “Het gaat hier om zaken als brandveiligheid en geluidsoverlast. Sommige jeugdige bewoners die voor het eerst op zichzelf wonen, kunnen niet goed met die vrijheid omgaan.” Toch begrijpt hij de onvrede onder studenten in de eerste periode. ”Maar nu alles steeds meer vorm begint te krijgen, zie je dat ze enthousiaster worden.”
De kosten
“Ze proberen aan je te verdienen waar ze maar kunnen”, klaagt een Italiaanse student. Hij wijst op de hoge kosten: 8 euro voor een was- en droogbeurt, 75 euro schoonmaakkosten als bij vertrek de ruimte niet schoon genoeg is (“de controle is streng, terwijl ik bij oplevering zelf een vieze kamer kreeg”). Maar met name de huurprijs is voor de studenten een doorn in het oog, soms zelfs een reden om te verhuizen. Inclusief servicekosten, meubilering (in de meeste gebouwen) en een voorschot voor gas, water en elektriciteit komt het neer op bijna 600 tot 700 euro per maand, afhankelijk van de verdieping. “De basishuur is bepaald met het puntensysteem van de overheid”, zegt Gubbels, de contactpersoon van eigenaar SHM. “De studenten hebben veel eigen voorzieningen, waaronder een eigen badkamer, keuken en airco. En het ligt onder de grens voor huurtoeslag. We houden dus zeker rekening met de betaalbaarheid.”
“Maar dan woon je wel op een terrein dat niet ‘af’ is”, merkt een student op. “Als je zo snel een complex optuigt, begrijp ik dat er dingen fout gaan. Maar we betalen wel fors. Als de huurprijs verlaagd was, had ik er minder moeite mee gehad.” Heeft de eigenaar ooit overwogen om de studenten te compenseren voor de overlast? Nee, zegt Gubbels. “De woonruimtes zelf waren gewoon gereed bij oplevering. En we bieden altijd een bezichtiging aan: de studenten konden vooraf zien waar ze terechtkwamen. Bovendien hebben we de overlast waar mogelijk beperkt.” En vergeet niet, voegt Gubbels er aan toe, “de bouw is met een reden zo snel gegaan: om een kamertekort in Maastricht te voorkomen.”
De leegstand
“De situatie is wat verbeterd, maar er is zoveel gebeurd dat ik er helemaal klaar mee ben”, verzucht een Duitse masterstudent. Daar heeft ze graag een ‘boete’ van 250 euro voor over: de kosten om onder de minimale verhuurperiode van één jaar uit te komen (een type contract dat niet meer aangeboden wordt sinds afgelopen september, laat een woordvoerder van Plaza weten: vanaf toen zijn er alleen nog maar tijdelijke contracten met maandelijkse mogelijkheid tot opzegging verstrekt). “Liever betalen, dan langer blijven. Die boete heb je zo terugverdiend met een lagere huurprijs elders.”
Ook drie andere studenten die Observant dit voorjaar sprak, zijn inmiddels verhuisd of zijn van plan dat te doen. Klopt het dat er veel leegstand is? “De gebouwen hebben nog niet helemaal vol gezeten”, zegt Gubbels. “Mede door de oplevering in oktober en november van sommige gebouwen is er minder instroom van nieuwe studenten.” Begin februari, het volgende instroommoment, stonden er tachtig woningen leeg. “Dat aantal is daarna tot ongeveer honderd opgelopen. Maar dat is in verhouding met wat we zien in onze andere complexen in Maastricht en daarbuiten. Studenten wisselen nu eenmaal weleens van woning. Bovendien: voor volgend collegejaar zijn inmiddels vrijwel alle studio’s weer gereserveerd.”