Het einde van de afvalzak
Het is inmiddels een vertrouwd gezicht in Maastricht: rondzwervende afvalzakken. Zeker sinds 2022, toen de gemeente besloot om de befaamde rood-witte restafvalzakken niet meer wekelijks, maar eens per twee weken op te halen. Vooral bewoners van studentenkamers en hoogbouw, die vaak geen tuin of balkon hebben om volle zakken te bewaren, klagen sindsdien over stank en ongedierte in huis. Tot frustratie van vele stadsbewoners is het dumpen of ‘per ongeluk’ te vroeg aan straat zetten van de zakken intussen schering en inslag, terwijl er tegelijkertijd ook veel onvrede is over de strengere controles met bijbehorende boetes.
Kortom: een grote bende. Uit wijkbijeenkomsten en enquêtes blijkt dat veel inwoners weer terug willen naar het systeem van één keer per week ophalen. Maar dat gaat niet gebeuren, bleek vorige week. Een motie van de Liberale Partij die dit voorstelde, haalde het niet in de gemeenteraad.
Dat wil niet zeggen dat er niets verandert: een meerderheid stemde wél in met een nieuw afvalbeleid vanaf 2025. Daarin verdwijnt de restafvalzak, en komen er op zoveel mogelijk plekken in de stad ondergrondse afvalcontainers, waar bewoners hun restafval op elk gewenst moment zelf naartoe kunnen brengen. Plastic, blik en drankpakken (PMD) gaat de gemeente daarentegen wel ophalen buiten het centrum. Hoe vaak? Eens per twee weken.
Amsterdammers hoeven geen vlees
De bonenburgers vliegen je deze week om de oren. Omdat het de Week zonder Vlees en Zuivel is wordt overal in het land vegetarisch en veganistisch eten gepromoot. Zo organiseerde Maastricht goes vegan afgelopen zaterdag een veganistisch diner in de InnBetween en deelt UM-cateraar Eurest feitjes over plantaardig eten via Instagram.
Op de Universiteit van Amsterdam (UvA) besloot de cateraar het broodje vlees minder in het zicht te leggen, meldt universiteitsblad Folia. Ook kunnen studenten kaarten winnen voor Walibi of de Efteling als ze producten van de Vegetarische Slager kopen. Nu hoeven er in Amsterdam niet meer veel mensen verleid te worden om geen vlees te eten. Volgens de lokale cateraar Cirfood koos bijna driekwart van de klanten in de UvA-kantine voor de vegetarische (ruim 40 procent) of zelfs veganistische optie (25 procent). Niet duidelijk is of het hier om het hele aanbod gaat (dus inclusief bijvoorbeeld koffie en fruit – van nature al vegetarisch) of alleen om de broodjes en warme maaltijden.
Aan Wageningen University and Research (WUR) is de organisatie Plant-Based Universities Wageningen minder positief. In een ingezonden brief aan universiteitsblad Resource noemen ze de deelname van de WUR aan de Week zonder Vlees en Zuivel ‘greenwashing’. “De kantines blijken ook deze week doodleuk vlees en zuivel te verkopen”, mopperen ze. En: gezond en duurzaam eten zou “het hele jaar door” makkelijker moeten zijn.
Onderzoek de UM
Studenten verdiepen zich niet in de Maastrichtse mores, spreken de taal niet, maken lawaai en leggen alleen al door hun aanwezigheid druk op de lokale woningmarkt... de klaagzangen zijn niet nieuw. Universitaire bestuurders die daarentegen benadrukken wat een zegen de UM voor Limburgs hoofdstad is, al evenmin. Wél nieuw is een oud-voorzitter van het college van bestuur die, zij het voorzichtig, zegt dat de waarheid wellicht toch ergens in het midden ligt. “Misschien”, zei Karl Dittrich, collegevoorzitter van 1994 tot 2002, afgelopen vrijdag, “hebben we als universiteit de problemen ook te veel over het hek gegooid.” Richting de gemeente, die vervolgens maar moest zien wat er aan het onbehagen in de stad gedaan kon worden. “We waren in de jaren negentig bezig met overleven”, voegde hij ietwat vergoelijkend toe, maar toch.
Dittrich zei het bij de presentatie van Licht op Maastricht (voorheen Jaarboek Maastricht), waarin ook het studentenleven van 2023 zijn plek heeft gekregen. In de aanloop naar het vijftigjarig bestaan van de UM (in 2026) ziet hij, net als jaarboekhoofdredacteur Eric Wetzels, graag een onderzoek naar álle effecten van de universiteit op de stad. Bij de aanwezigen in boekhandel Dominicanen kreeg hij de handen er alvast voor op elkaar.