Eerstejaars die deelnemen aan de INKOM hebben vanaf komende editie behoorlijk wat in de melk te brokkelen. Ze doorlopen van tevoren een digitale beslisboom waarin ze voorkeuren doorgeven. Houd je van sport? Feestjes? Cultuur? Kruis maar aan. Uiteindelijk blijven er tien groepjes over. Wat volgt zijn ‘verkooppraatjes’ (foto plus tekst) van de mentoren, waarna de INKOM-deelnemer een definitieve keuze maakt.
Mentoren zijn ouderejaars die zichzelf opgeven. Sommigen zijn lid van een studentenvereniging, zoals Tragos en Saurus, anderen van bijvoorbeeld een onafhankelijk dispuut, studententoneelvereniging of sportclub, en weer anderen zijn ‘nergens’ aan verbonden.
De afgelopen tientallen jaren verliep het inschrijfproces zonder beslisboom: nieuwelingen kregen bij binnenkomst een ‘mama’ of ‘papa’ toegewezen. Soms was het een goeie match, soms niet, met als gevolg dat groepjes snel uit elkaar vielen. Bovendien is het geen publiek geheim dat deelnemers af en toe bewust genegeerd werden door hun mentoren, simpelweg omdat ze niet in hun straatje pasten (lees: geen lid wilden worden van hun studentenvereniging of dispuut).
Aan de voorkant
“We vinden het huidige mentorenbeleid niet meer passen bij de vraag van de deelnemer”, licht Jeroen Custers, projectleider INKOM, toe. Het inschrijfsysteem en het “groepsvormingsproces” zijn onder de loep genomen waarna het beleid voor komend academisch jaar – de introductie begint 18 augustus – is aangepast. Wat de masterstudenten betreft: “Afgelopen jaar hebben we hen voor het eerst de keus gegeven of ze wel of geen mentor wilden.” Dat beviel. Dit jaar gaan ze daarmee door.
Maar wat als vrienden samen de beslisboom doorlopen en voor hetzelfde ‘veilige vriendengroepje’ gaan? Dan blijft er toch niets over van het idee dat studenten nieuwe mensen moeten leren kennen? Custers: “Maar wanneer deelnemers graag bij elkaar willen zijn, wisselen ze toch wel. Dan kunnen we ze nu beter ‘aan de voorkant’ bij elkaar plaatsen.”
Schaalvergroting
Langzaam krijgt de INKOM een ‘ander jasje’. Afgelopen september kromp de Werkgroep INKOM in van vijf naar vier studenten en kwamen er twee professionals bij, medewerkers van de universiteit, Custers is een van hen. Dat had volgens Birgitte Hendrickx, adjunct-directeur van het studentenservicecentrum, te maken met de schaalvergroting: “Zaken als vergunningen, aanbestedingen en veiligheid kunnen we niet meer alleen bij de studenten laten liggen”, zei ze destijds in Observant.
Ook de cantus verdween, een studentikoos feest dat draait om bier en (Nederlandse) liedjes. De officiële lezing: men wilde niet drie identieke avonden met dezelfde muziek. Een logischere verklaring lijkt dat de Universiteit Maastricht – waar voor de helft internationale studenten rondlopen die vaak minder op hebben met Nederlandse studentenfeestjes – deze traditie niet meer bij de INKOM vindt passen. Of de cantus komende augustus opnieuw ontbreekt, is niet duidelijk.
Ontgroeningen
Custers ontkent dat het nieuwe mentorenbeleid samenhangt met negatieve berichten over grensoverschrijdend gedrag bij studentenverenigingen. Zo kreeg Tragos in 2023 straf; de UM legde de vereniging sancties op nadat het misging tijdens de ontgroeningen. Eerder deed een oud-Circumflex-lid in Observant een boekje open over ontgroeningen bij die vereniging. Hij riep de universiteit op de INKOM anders in te richten. “Het zijn de gezelligheidsverenigingen en disputen die de mentoren mogen leveren en daarmee alle ruimte krijgen om de nieuwelingen in te lijven.”
Volgens Custers vindt het team INKOM zelf “dat er een verbeterslag te maken is”. Hij hoopt dan ook dat iedereen die mentor wil worden, zich aanmeldt. “Want alleen bij voldoende verschillende aanmeldingen, kunnen we deelnemers correct matchen.” Dat betekent overigens niet dat de werkgroep Jan en alleman ‘aanneemt’. “We kijken kritisch naar de kwaliteit.” Daarbij hoopt hij internationale studenten te kunnen koppelen aan een meer internationale minded mentor. Van die laatste zijn er verhoudingsgewijs nog te weinig.