Woensdagavond 13 januari 2010 gaat de geschiedenisboeken in. Niet alleen vanwege de Maastrichtse en Haagse troebelen. Veel kijkers hebben een derde hoogtepunt in de vaderlandse geschiedenis gemist. En wel de aflevering Soepkip uit het programma De wilde keuken van de onvolprezen Wouter Klootwijk. Elke Nederlander staan op elk willekeurig moment twee kippen ter beschikking. De meerderheid daarvan zijn plofkippen. Na zes weken volproppen met uitgekiend voedsel bereiken die vooral de supermarkt waar u en ik onze kipfilet halen. Het woord kip is voor deze producten wellicht wat overdreven. De overige kippen worden geacht elke dag één ei te leggen. Na een levensduur van als ik het goed heb begrepen bijna een jaar, doet men in de leghallen letterlijk het licht uit. In de nacht komen de trailers van de slachterijen ze met duizenden tegelijk inladen. Bij de slachter zijn ze een kwartiertje binnen. Daarna rollen ze ingepakt in dozen van tien kippen richting opslag. Deze kippen noemt men soepkippen. De kip van vroeger. Hij liep op de deel van de boerderij. Met kookvrouwschap en slow cooking, smaakte de kip na een dienstbaar leven geweldig. Vooral in de soep. Wij Nederlanders moeten die kip niet meer. Zelfs haar biologische scharrelzuster blieven we niet. Te taai, te bewerkelijk. Bij de slachterij kunt u ze voor nog geen anderhalve euro krijgen. Wat te doen?
De kip gaat multiculti. Alleen al in Togo worden per jaar 300 duizend Nederlandse kippen over zee ingevoerd. Tegen zo’n kwaliteitsproduct kunnen ze lokaal niet op. Binnen de kortste keren verdwijnen de mooie dozen met kippen na aanvoer het land in. Daar worden ze door vrouwen langzaam op houtvuurtjes gekookt. Daarna lang gebraden. Wouter Klootwijk volgde de kip tot op het laatst. Je zag hem zijn vingers mee-eten. Het was de eerste keer in het programma dat je hem niet zag kijken met een blik van: dat geloof je toch zelf niet.
Ik denk dat er binnenkort Togose restaurants in Nederland zullen komen waar Petit Coeur, misschien ptikur, de specialiteit zal zijn. Zo heet de soepkip daar. Naar de rode hartvormige blaadjes van de Friese vlag op de verpakking van de slachter. Tot zover de les cultuur in af- en aanbouw.