09 februari 2012
filmpjes
achtergrond
Liefde en het verraderlijke leven van alledag
9-2-2012 - 

Volgende week is het weer zover: Valentijnsdag, de jaarlijkse ode aan de liefde. Maar wat is liefde eigenlijk? En waarom gaat het zo vaak mis? Op verzoek van Studium Generale houdt de Duitse filosoof Wilhelm Schmid op 8 maart de lezing De herontdekking van de liefde.

"Hoe hou je je pincet vast?!"
9-2-2012 - 

Hoe vertel je een patiënt slecht nieuws? Hoe breng je een infuus in? Waar moet je als huisarts tijdens een consult op letten? Deze en nog veel meer andere vaardigheden leren geneeskundestudenten sinds 1975 in het Skillslab. En met succes; de studenten zijn onverminderd enthousiast, de docenten worden regelmatig genomineerd voor onderwijsprijzen. Observant liep een middag mee. 

“Ze riepen dat ik als de sodemieter terug naar het schip moest”
9-2-2012 - 

Maandagmiddag half zes, boekhandel De Tribune. Schrijver/bioloog Redmond O’Hanlon staat op het punt het pand weer te verlaten. O ja, of er ergens een hoedenwinkel in de buurt is. Want hij heeft de zijne in een taxi achtergelaten en buiten is het Siberisch koud.

Herman Kingma, evenwichtskunstenaar en Realpolitiker
2-2-2012 - 

De oude en tegelijkertijd nieuwe voorzitter van de universiteitsraad, prof. Herman Kingma, is vooral iemand van de resultaten. “Als je moet kiezen tussen zichtbaarheid voor de kiezers en effectief optreden, kies ik voor het laatste.”

 

“Een goed team laat zich leiden door peace en conflict”

29-4-2010 - 

Na twee overwinningen in Bangkok en Kopenhagen organiseerde de School of Business and Economics vorige week voor het eerst een eigen zogeheten case competition voor studenten. Een week die begon met een aswolk en eindigde met de uitschakeling van het Maastrichtse team. En toch: het was een geslaagd evenement, concludeert de organisatie. “Mooi om zoveel toegewijde en professionele studenten hier te mogen ontvangen.”

Maandag, 19.15 uur. Links in de hoek van Ad Fundum wachten grote chroomkleurige schotels met daaronder: lasagna, warme beenham, goelash en pommes gratin. En erachter: vrouw en dochter van cateraar Eric Crauwels uit Meerssen. De goedlachse man vraagt zich hardop af waar de studenten blijven. Hij wijst naar het plafond. In de aula op de eerste verdieping geeft een topman van Shell een lezing, weet hij.

Crauwels doet wel vaker zaken met de Maastrichtse economen maar ditmaal verliep de bestelling wel heel chaotisch. “Eerst ging het om een buffet voor 100 gasten, toen 140 en een paar uur later voor 80. De aswolk hè. Toen vroeg de faculteit ook nog om stamppot, maar dat heb ik beslist afgeraden. Stamppot is een moeilijk product hoor! Het ziet er ook niet uit, als je het voor het eerst eet.”

Even later stroomt Ad Fundum vol. Maar lang niet zo vol als iedereen had verwacht. De aswolk heeft het aantal deelnemers meer dan gehalveerd: slechts vijf van de zestien studententeams zijn present. Een dag na de vulkaanuitbarsting, op vrijdag, heeft de organisatie een crisismeeting belegd maar afblazen kwam niet im Frage, zegt organiserend lid Julienne Erckens. “Het leidt wel tot bizarre situaties. Van het Australische team is één meisje, die een Nederlandse vriendin bezocht, aanwezig; een teamgenoot zit vast in Milaan, twee anderen in Kuala Lumpur; de coach is vanuit Singapore teruggevlogen naar Australië.”

De gasten doen zich intussen te goed aan de dampende maaltijden van Crauwels. Tegelijk kondigt Bas van Diepen, hoofd van de organisatie, aan dat sommige teams, waaronder die van Kopenhagen en Milaan, in de auto zijn gesprongen en vanavond nog of in de loop van de week zullen arriveren. Een week eerder toonde Van Diepen nog een twee meter lange strook papier met daarop “het militaire rooster”. Dat kan nu de prullenmand in.

Het format wordt omgegooid. Om de laatkomers ter wille te zijn, zullen de twee kleine casussen, die op dinsdag en woensdag gepland zijn, niet meetellen voor het eindresultaat. Alles draait om de grote casus op vrijdag, waarvoor studenten 24 uur worden opgesloten in een kamer van Hotel de L’Empereur. Daar logeert ook iedereen.

 

McDonald’s

Het is voor het eerst dat de School of Business and Economics een case competition op poten zet. Dat is een internationale wedstrijd waarbij studententeams in beperkte tijd een bedrijfsmatig probleem moeten oplossen en een presentatie daarover voorbereiden. Een tiental bedrijven sponsort het evenement, dat voortaan elk jaar zal terugkeren. Van Diepen: “In de komende jaren moeten we een zekere status en aanzien opbouwen, waardoor het voor bedrijven aantrekkelijker wordt om het project mee te financieren. In Kopenhagen staat de competitie zo hoog aangeschreven dat de koninklijke familie tijdens de opening aan de dis zit.”

De casussen, gestoeld op real-life problemen uit het bedrijfsleven, worden meestal aangeleverd door het bedrijf dat als hoofdsponsor optreedt. Dat gaat in de toekomst ook gebeuren maar vooralsnog hebben de economen de cases gekocht. “Ja, dat kan”, zegt de Engelsman Stuart Dixon, die zich bij SBE bezighoudt met postdoc-onderwijs. “Ik heb ze besteld bij de non-profit-organisatie European Case Clearing House.”

Deze Brits-Amerikaanse club, die de case method of learning promoot, heeft 39 duizend casussen op de schappen liggen. De kosten zijn op de begroting nauwelijks terug te vinden: een kleine drie pond per stuk. Om ook maar de verdenking van gesjoemel te voorkomen, is Dixon de enige die de inhoud van de casussen kent. “Ik heb gekozen voor internationale dilemma’s van aansprekende ondernemingen, zeg McDonald’s.”

Een stukje verderop heeft het Maastrichtse team zich verzameld rond een Stehtisch. Drie Duitse jongemannen en een Duitse jongedame. Om met de laatste te beginnen: Lena Sablotny, dan Elias Pankert, Daniel Chorzelski en invaller Philipp Pommerenke. De laatste zal vanaf woensdag worden vervangen door Valentina Cullmann, die vastzit in Nice vanwege Franse stakingen.

Allemaal Duitse studenten dus. Maar het wordt nog saillanter, want de hele ploeg bestaat uit zestien studenten en die telt vijftien Duitsers - en een Belg. Geen enkele Nederlander. Onder economen zal deze scheve verdeling nauwelijks verbazing wekken: Duitsers halen nu eenmaal hogere cijfers dan Nederlanders. En wie in het eerste jaar de hoogste cijfers haalt, krijgt standaard een uitnodiging om mee te doen. Aanvankelijk zijn dat er 24, van hen blijven er zestien over.

Wat maakt een team goed? “Wezenlijk is dat er in het team ruimte is voor peace and conflict”, benadrukt Pankert. “Je hebt consensus nodig over de richting waarin je de oplossing wilt zoeken, en debat over welke issues het meest overtuigend zijn.”

Pommerenke ziet het PGO-systeem als de kracht van het Maastrichtse team. “We doen niets anders dan praktijkproblemen oplossen.”

 

Zelfbewust

Dinsdag, 13.15 uur. Sablotny, gekleed in een zwart mantelpak met knalrode sjaal, beent van links naar rechts door de gang. Ze werpt regelmatig een blik op het A4’tje in haar hand en richt zich daarna binnensmonds tot een denkbeeldig publiek. De spanning groeit. In een van de aangrenzende zaaltjes (onder de mensa) beginnen de UM-studenten zo dadelijk aan hun eerste presentatie. Vanochtend hebben ze in drie uur tijd een case geanalyseerd, een presentatie in elkaar gedraaid en de tekst in hun hoofd gestampt.

Ondertussen doet marketingdocent Rudolf Baethge, die samen met Van Diepen het Maastrichtse team coacht, een boekje open over de essentie van een case competition. Hij kan het weten want de UM-studenten hebben dit seizoen al twee competities gewonnen, in Bangkok en in Kopenhagen. En zoals het in de voetballerij heet: een winnende coach heeft altijd gelijk!

Wat het allerbelangrijkste is, zegt Baethge, geboren en getogen in Peru: gevoeligheid voor andere culturen. “In welk land je ook zit, je wordt steeds beoordeeld door plaatselijke judges (juryleden, red.). Dus het is belangrijk dat je je aanpast. In Thailand waarderen ze het als je groet in het Thais en respect toont voor de culturele traditie. In Los Angeles mag je veel zelfbewuster optreden, maar nooit arrogant. Niet als een Messias even komen vertellen hoe de vork in de steel zit. Afhankelijk van de locatie, stellen we een team van studenten samen. Nu spelen we een thuiswedstrijd en heb ik onze studenten geadviseerd om vooral zichzelf te zijn. Wat natuurlijk niet makkelijk is.”

De presentatie die over enkele tellen begint, is belangrijk, meent de coach. Het is een van de twee generale repetities voor vrijdag. Het moment is aangebroken. In het amfitheatrisch ingerichte zaaltje zitten vier juryleden, de coaches, de host en de lichting studenten die het estafettestokje volgend jaar overneemt.

Sablotny bijt het spits af en steekt soepel en in vloeiend Engels van wal, alsof ze zich al jaren met deze zaak bezighoudt. Die gaat over een Amerikaans fastfoodketen die de Chinese markt wil veroveren. Na een paar slides geeft ze enkele minuten later het woord aan Chorzelski, enzoverder. Ook de mannen – strak in het pak – maken een professionele indruk en raken geen moment verstrikt in hun tekst. De vragen van de jury, bestaande uit SBE-staf en alumni, beantwoorden ze zonder een spoor van twijfel. “Time’s Up”, klinkt het. Applaus volgt.

Eenmaal op de gang is Chorzelski tevreden. “Yeah.” Sablotny zegt dat ze alleen 24-uurs casussen is gewend. Deze was: “Incredibly short.”

Tien minuten later geven de judges hun oordeel. Maastricht heeft het uitstekend gedaan maar de probleem-analyse en presentatie van tegenstander Kopenhagen was beter. Een dag later, tijdens de tweede kleine casus, neemt SBE revanche en winnen ze niet alleen van Kopenhagen maar ook van het stand-in team van Singapore en van Milaan.

 

Liefdesrelatie

Vrijdag, 12.00 uur. Op het zonovergoten dakterras van het Hotel Empereur steekt Baethge een sigaret op. Hij vergelijkt zijn team met een formule 1-auto die gaandeweg steeds lekkerder rijdt. Al verloor Cullmann gisteren, tijdens het dagje uit in Brussel, haar stem! Ze heeft inmiddels medicijnen.

Vanochtend om 9.40 uur ontvingen de studenten de 24-uurscasus in een verzegelde envelop en trokken ze zich terug in hun hotelkamer. “Ze zijn nu klaar met lezen, schat ik, en bespreken hun strategie. Het belangrijkste is dat ze een paar uur slapen. Liefst een oneven aantal uren, dus of drie of vijf. Dit is niet wetenschappelijk aangetoond, maar een oneven aantal uren slaap is beter voor het brein. Wat ze in ieder geval niet moeten doen: zich verslapen.”

Wat doet de coach 24 uur lang? “Bidden”. Baethge steekt nog een sigaret op.

Hij heeft alle vertrouwen in deze vier studenten, zegt hij. Niet alleen zijn ze gedreven en slim maar ook betrouwbaar. Want het is natuurlijk niet de bedoeling dat de studenten onderling een liefdesrelatie beginnen, om maar eens wat te noemen. “Er gebeurt van alles tijdens zo’n competitie, wat valt onder de noemer ‘cross-gender international relationships’. Er zijn zelfs huwelijken uit voortgekomen. Maar goed, de gouden regel luidt: wat in de competitie voorvalt, blijft in de competitie.”

Op zaterdagochtend 9.40 uur, na drie uur slaap, leveren de studenten hun analyse in bij het hotelpersoneel. Om 11.20 uur presenteren ze hun verhaal aan de jury. Ze moeten het in hun poule opnemen tegen Milaan en Singapore (niet het stand-in team maar de Nanyang Business School). In totaal zijn er drie poules; de drie poule-winnaars gaan door naar de finale. Die vindt plaats in de namiddag.

De casus gaat over koffieketen Starbucks: hoe kan het bedrijf zichzelf weer succesvol op de kaart zetten? De verwachtingen van het thuisfront zijn hooggespannen maar wat iedereen vreest, gebeurt: Maastricht valt af.  Singapore wordt eerste in de poule en mag naar de finale. De Maastrichtse studenten zijn ontgoocheld. Ze staan nog steeds volledig achter hun analyse maar de jury vond die op bepaalde punten te conservatief. “De judges oordeelden dat onze analyse te weinig getuigde van visie”, zegt Elias Pankert, “maar daar ben ik het niet mee eens. De meest visionaire strategie is niet noodzakelijkerwijs de beste.”

De eindstrijd is inmiddels in volle gang. In de grote collegezaal van de economiefaculteit strijden Singapore, Bangkok en het zogenoemde internationale team om de winst. Dat het laatste team zich heeft geplaatst, heeft velen verrast. Het is - oneerbiedig gezegd - een ‘samengeraapt zootje’ van twee Australiërs en twee Belgen, die ad hoc de handen ineen hebben geslagen en dus geen gezamenlijke training achter de rug hebben. Hun prestatie is daarom des te indrukwekkender.

Maar de winnaar is: Bangkok!

 

Gegeven de omstandigheden blikt de organisatie terug op een geslaagde competitie, zegt Julienne Erckens. “Achter de schermen kon het soms wat effectiever, maar daar hebben de deelnemers niets van gemerkt. Iedereen heeft zich prima geamuseerd.” Coach Baethge maakt een laatste compliment aan de gasten: “Het voelde dankbaar om zoveel toegewijde en professionele studenten hier te mogen ontvangen.”

Sluit venster
Verzend
specials  |   paarltjes  |   rss  |   UM agenda  |   contact  |   adverteren