Sef Janssen, 43 jaar, beheerder onderzoeksinstituut Nutrim
Bestemming: Lago Maggiore (Italië)
Hoe lang: tweeënhalve week
Met wie: zijn vrouw en vier kinderen (uit twee huwelijken)
Wat doe je met de hond?
“Ik heb geen hond. Nee, helemaal geen huisdieren. De kinderen willen ze heel graag, maar ik weet dat ze de dieren niet zullen verzorgen.”
Waarom ga je niet naar de Ardennen?
“Omdat de kans groot is dat je geen goed weer hebt. Ja, dat vind ik belangrijk. Als de kinderen naar buiten kunnen, heb je zelf een fijnere vakantie. We zitten in een appartement en dan moet je niet de hele dag met z’n zessen binnen zitten, en dan ook nog eens zonder de spellen van thuis.”
Moet je niet eens wat meer van de wereld zien?
“Helemaal niet. Ik moet er niet aan denken om met een rugzak door Zuid-Amerika te trekken. Ik zou niet zo lang van huis willen zijn. Het is niet dat ik alle luxe zou missen, maar juist de dagelijkse dingen als de krant. Mijn grens ligt niet bij Europa. Ik zou graag een keer naar die natuurparken in de VS willen, of naar de Krim in Oekraïene. Maar goed, dat doen we wel een keer met z’n tweeën. Kinderen doe je geen plezier met rondtrekken.”
Heb je je vakantie eigenlijk wel verdiend?
“Jawel. Ik heb een drukke baan, die zich niet alleen tussen negen en vijf afspeelt. Ik loop niet op mijn tandvlees, maar je merkt wel dat je na de vakantie frisser bent.”
Je gaat zeker elke dag je e-mail checken?
“Nee hoor, vakantie is vakantie. Ik neem ook geen laptop mee. Bij Nutrim neemt iemand mijn taken waar. Als er iets heel ernstigs aan de hand is, verschuift het naar een ander niveau. Dan komt het faculteitsbestuur in actie. In principe kom ik niet eerder terug. Of de halve UNS 50 moet afbranden of een naaste collega overlijden.”
Wat is het belangrijkste attribuut dat meegaat?
“Een voetbal. Heerlijk om met de jongens een balletje te trappen. Ik heb jarenlang gevoetbald, op het veld en in de zaal. Nu ben ik een stille genieter, zo’n man die er graag over praat.”
Je komt straks terug van vakantie en denkt ojee…
“Ik zie eigenlijk nergens tegenop. Ja, ik ben een gelukkig man.”
Anita Ham, 23 jaar, vijfdejaars psychologiestudent
Bestemming: Spanje
Hoe lang: twee weken
Met wie: haar vriend
Wat doe je met de hond?
“Met de hond? Ik heb geen hond. Ik woon in een studentenhuis. Ik mag van mijn huisbaas helemaal geen hond hebben.”
Waarom ga je niet naar de Ardennen?
“Omdat ik een fan ben van Spanje. Kennissen van me hebben daar een restaurant. Ik ga er al veertien jaar heen. Ik spreek de taal niet vloeiend, maar ik kan me wel behelpen. Dat is me met de paplepel ingegoten. Mijn moeder is lerares Spaans.”
Moet je niet eens wat meer van de wereld zien?
“Het lijkt me mooi om een keer een verre reis te maken. Naar Canada, Australië of Ecuador. Ik zou ook graag een half jaar in het buitenland willen wonen en werken, om zo’n cultuur echt te leren kennen. In plaats van vakantiekiekjes van het landschap te maken.”
Heb je je vakantie eigenlijk wel verdiend?
“Gerelateerd aan de studie niet. Ik was vorig jaar al met mijn master begonnen en heb dit jaar gebruikt om ‘m af te ronden. Maar ik heb wel in de universiteitsraad gezeten en ben het hele jaar druk geweest met van alles en nog wat.”
Je gaat zeker elke dag je e-mail checken?
“Absoluut niet, vakantie is vakantie. Ik mis de e-mail helemaal niet.”
Wat is het belangrijkste attribuut dat meegaat?
“De tent. We gaan namelijk kamperen. Maar ook mijn telefoon gaat zeker mee. Ik sms vaak met het thuisfront, met mijn zus heb ik het meeste contact. Normaal gesproken bellen we elke dag.”
Je komt straks terug van vakantie en denkt ojee…
“Dat hangt ervan af of ik vóór de vakantie een baan heb gevonden of niet. Zo niet, dan moet ik gaan solliciteren. Het punt is dat ik niet precies weet wat ik wil. Een baan als therapeut is niet aan de orde, maar ook het onderzoek trekt me niet. Nee, ik vind niet dat ik de verkeerde studie heb gedaan. Ik heb voor psychologie gekozen omdat ik dat interessant vind. Daar heb ik geen spijt van.”
Pieternel Fleskens, 25 jaar, junior onderzoeker faculteit cultuur- en maatschappijwetenschappen
Bestemming: “Niet helemaal zeker, waarschijnlijk in de richting van Italië en Frankrijk”
Hoe lang: “We hopen twee tot drie weken. We gaan als ik mijn onderzoeksproject heb afgerond. Dus hoe eerder ik klaar ben …”
Met wie: “Mijn vriend”
Wat doe je met de hond?
Ze lacht: “Gelukkig heb ik geen hond en als ik er een had zou ik hem niet meenemen. Zo zielig in een warme tent. Ik zou hem stallen bij familie of vrienden.”
Waarom ga je niet naar de Ardennen?
“Ik kom daar al zo vaak, snel even een dagje. Naar Italië ga je niet voor een dagje en ik wil ook mooi weer hebben. Tja, dat noodweer afgelopen weekend in Venetië en andere plaatsen. Ik ga pas eind juli, dus het weer kan nog bijtrekken.”
Moet je niet eens wat meer van de wereld zien?
“Als ik er tijd en geld voor heb. Zuid-Amerika staat bovenaan op mijn lijstje. De Mexicaanse griep? Da’s een goede reden om die trip nog even uit te stellen.”
Heb je je vakantie eigenlijk wel verdiend?
Volmondig: “Ja, ik heb hard gewerkt. De laatste weken schoten mijn weekenden er vaak bij in en draaide ik weken van boven de vijftig uur omdat ik èn onderwijs moest geven, de deadline van mijn onderzoeksproject in zicht komt en ik druk was met de tentoonstelling van de kunst- en erfgoedcommissie Darwin en Maastricht. En ik ben al een jaar niet meer weggeweest.”
Je gaat zeker elke dag je e-mail checken?
“Ik ga proberen dat niet te doen. Ik heb me voorgenomen om één keer te kijken. Het is toch een beetje een verslaving, ik check mijn mail in de hoop geen onaangename dingen tegen te komen. Eigenlijk kijk ik om gerustgesteld te worden dat er niets aan de hand is. Geen nieuws is goed nieuws.”
Belangrijkste attribuut op vakantie?
“Het tentje. Ik hoop dat het nog in een goede staat is. Twee jaar geleden heeft het drie weken regen, storm en wind in Ierland doorstaan. Ja, ik heb het droog opgeborgen, weet alleen niet meer waar.”
Je komt straks terug van vakantie en denkt ojee…
“Ojee, al die mails die ik dan niet eerder heb gelezen en al die andere dingen die je weer moet. Je wordt er meteen weer helemaal ingegooid. Uitstel van executie is niet mogelijk zodra de mailbox zich opent.”
Pieternel Fleskens houdt een weblog bij op www.observantonline.nl
Louis Berkvens, 56 jaar, bijzonder hoogleraar rechtsgeschiedenis en voorzitter van de Universiteitsraad
Bestemming: een werkvakantie in Berlijn en fietsen in de Elzas
Hoe lang: drie weken Berlijn, een week Elzas
Met wie: naar Berlijn met zijn vrouw Anne-Marie en naar de Elzas met de fietsclub
Wat doe je met de hond?
“Heerlijk, ik heb geen hond, dus daar hoef ik me ook geen zorgen over te maken. We kunnen weggaan wanneer we willen. Vroeger hadden we een kat. Ik vind katten erg leuk, maar ben er wel allergisch voor.”
Waarom ga je niet naar de Ardennen?
“Ik kom vrijwel ieder weekend al fietsend in de Ardennen. In Berlijn ga ik naar het Geheime Pruisische Staatsarchief. Ja, dat is de echte naam. Daar ga ik lekker onderzoek doen. Geen vakantie? Dat hangt van de definitie af. Voor mij is het: je doet iets anders dan anders. Door het jaar heb ik nauwelijks tijd voor onderzoek, ik verheug me er dan ook erg op. Ik heb al veel stukken opgevraagd. Ik reis terug in de tijd en zit drie weken in een studiezaal uit 1960, in een gebouw uit 1910 en lees archiefstukken over het Pruisisch bestuur en rechtspraak in Noord Limburg uit de 18e eeuw.”
Moet je niet eens wat meer van de wereld zien?
“Dat zie ik. Berlijn is een prachtige stad, in het weekend ga ik naar schitterende musea en flaneren langs de Kurfürstendam. Het is een mooi stukje van de wereld waarop ik nog lang niet uitgekeken ben.”
Heb je je vakantie eigenlijk wel verdiend?
Hij zucht. “Wat een rotvraag. Nee, ik heb het niet verdiend. Het is een kwestie van variatie in het jaar, ik streef naar een goede balans tussen onderwijs, onderzoek, bestuur en lanterfanten. Het lijkt me niet goed om op je tandvlees de vakantie te halen. Ik probeer dat te voorkomen.”
Je gaat zeker elke dag je e-mail checken?
“Ik denk het niet. Er zou sowieso minder gemaild moeten worden. Het leidt vaak tot miscommunicaties en hypes. Zaken die eigenlijk niet urgent zijn, lijken dat door de mail opeens wel. Het is goed om af te kicken. Ik blijf bereikbaar, ze kunnen me bellen.”
Belangrijkste attribuut op vakantie?
“Mijn vulpen in Berlijn. Mijn fiets in de Elzas. Dat wordt een week van lichamelijk ontspanning als ik met goede vrienden een aantal Ballons ga beklimmen.”
Je komt straks terug van vakantie en denkt ojee…
“Het onkruid in de tuin en het onkruid op het werk en de losse eindjes. Maar ik probeer weg te gaan in serene rust en zo ook weer terug te keren.”
Mariska van den Heijkant, 22 jaar, masterstudent Nederlands recht
Bestemming: Dominicaanse Republiek en Portugal
Hoe lang: tien dagen en een maand
Met wie: met ouders, broer en zus naar Dominicaanse Republiek om het vijfentwintigjarig huwelijk van pa en ma te vieren, en met vriend naar Portugal
Wat doe je met de hond?
“Ik heb geen hond. De meeste studenten hebben geen huisdieren, je mag er vaak geen hebben in het studentenhuis.”
Waarom ga je niet naar de Ardennen?
“Daar ben ik al een keer geweest, met mijn ouders toen ik acht was. We zaten in een huisje met een leuk watertje waar we konden vissen. Het weer was slecht en toch was het leuk.”
Moet je niet eens wat meer van de wereld zien?
“Tuurlijk, altijd. Ik zou graag gaan reizen. Ik ben voor een stage naar Curaçao geweest. Ik zou de hele wereld willen zien, te beginnen bij Mexico, Brazilië.”
Heb je je vakantie eigenlijk wel verdiend?
Resoluut: “Ja. Ik heb hard gewerkt voor mijn master, heb een bestuursjaar bij de vrouwenrechtswinkel gedaan en een studentassistentschap bij psychologie.”
Je gaat zeker elke dag je e-mail checken?
“Nee, dat doe ik niet. Ik zal ook niet in de gelegenheid zijn en mocht dat wel zo zijn dan doe ik het ook niet. Mailtjes zorgen er voor dat je zaken moet regelen, dat doe je tijdens je studiejaar, niet in de vakantie.”
Belangrijkste attribuut op vakantie?
Stilte. Dan: “Mijn bikini of zo?” Om dan te vervolgen: “Niets hoeft per se mee, zelfs mijn telefoon niet. Al is die wel handig.”
Je komt straks terug van vakantie en denkt ojee…
“Ik moet aan mijn scriptie beginnen, ik moet dan echt een onderwerp gaan zoeken. Dat vind ik lastig. Bovendien is de scriptie het laatste ding van mijn studie. Als die af is ben ik klaar en begint een nieuw leven. Dat is spannend. Ik hoop dat ik makkelijk aan een baan kom, maar de arbeidsmarkt voor juristen is nu ook niet zo goed.”