Mensen die veel vis eten voelen zichzelf lichamelijk gezonder dan degenen die dat niet doen. Dat blijkt uit een studie van Olga Schiepers, aio bij de School for Mental Health and Neuroscience, waarbij 233 proefpersonen (van 36 tot 88 jaar) een vragenlijst invulden over hun dagelijks functioneren.
Deze uitkomst is een ‘bijvangst’ van een breder onderzoek naar depressie: leidt een hoge visconsumptie tot een betere mentale gezondheid? Schiepers vond geen verband. Dit in tegenstelling tot eerdere internationale studies die beweerden dat het eten van vooral vette vis zoals zalm, makreel en haring de mentale gezondheid bevordert. Dat zou te danken zijn aan de omega III-vetzuren.
Vorige week presenteerde Schiepers haar resultaten op het vijfdaagse ISSFAL-congres in het Mecc, georganiseerd door de International Society for the Study of Fatty Acids and Lipids. Meer dan vijfhonderd onderzoekers uit de hele wereld discussieerden daar over vetten en vetzuren in relatie tot ziekte.