Over de mislukte formatie of het wisselvallige weer wil iedereen wel zijn zegje doen. Bij seks ligt dat iets anders, zeker als er seksuele problemen zijn. Dat het nog steeds taboe is, merkt gezondheidswetenschapper Andrea Grauvogl aan de magere opkomst voor haar promotieonderzoek. “Het is lastig om proefpersonen te vinden.” Ze staan niet in de rij, de jongeren tussen de 18 en 25 jaar van wie het seksleven waardeloos is. “De problemen kunnen variëren van erectieklachten en te snel klaarkomen tot pijn bij het vrijen en moeilijk seksueel opgewonden raken.” Grauvogl wil 450 proefpersonen. Tot nu toe staat de teller op 11. Gaat dit nog lukken, is de eerste vraag die opkomt. “Desnoods worden het er minder.”
Aankloppen bij de Riagg is niet makkelijk voor de meeste jongeren, weet Grauvogl. “En als ze al besluiten om te gaan, duurt het vrij lang voordat ze geholpen worden. De wachttijd is nu vier tot dertien weken. Bovendien krijgen ze dan zo’n acht tot tien sessies, verspreid over een half jaar.” De nieuwe behandeling bij de GGD is kort: drie gesprekken van 45 minuten; binnen drie maanden is het traject afgerond. Verder is de behandeling gratis.
Gesprekspartner is een speciaal opgeleide verpleegkundige. “Dat maakt het laagdrempeliger. Jongeren associëren een psycholoog toch nog vaak met gekte”, zegt Grauvogl. “De behandeling is toegespitst op jongeren en daardoor uniek in Nederland.” Of deze goedkopere methode net zo effectief is als een traditionele behandeling zal de promovenda moeten onderzoeken. Het ligt volgens haar wel in de lijn der verwachtingen.
De inspiratie voor Grauvogls onderzoeksproject komt uit Sense, een centrum dat sinds een paar jaar is ondergebracht bij de GGD’s en waar jongeren vanaf twaalf jaar terecht kunnen met vragen over seksualiteit, zoals soa’s en anticonceptie. “De meer serieuze problemen vallen echter een beetje tussen wal en schip. Vanuit Sense kan hier vrij weinig mee worden gedaan. Een gesprek met een psycholoog is een optie, maar dan spelen weer de angst, schaamte en wachttijden.” De nieuwe therapie bij de GGD lijkt de oplossing. GGD Rotterdam heeft er al mee geëxperimenteerd en goede resultaten geboekt, aldus de onderzoeker.
De richtlijnen die Grauvogl voor de behandeling heeft opgesteld, moeten uiteindelijk zorgen voor een aha-erlebnis. “Als cliënten inzien wat er gebeurt, fysiek en psychisch, zijn we al een heel eind. Het geven van informatie is de basis. We leggen uit wat er nodig is om tot seks te komen: zin hebben, opgewonden raken, etcetera.”
Het blijft overigens niet bij gesprekken, ook thuis is er werk aan de winkel. “We raden vaak aan om de geslachtsgemeenschap voorlopig te schrappen. Eerst moet men het eigen lichaam en dat van een eventuele partner ontdekken en worden er ontspanningsoefeningen gedaan. De partner heeft er trouwens net zo goed baat bij. Seks werkt immers twee kanten op.”