Wat voor universiteit willen wij zijn?

Wat voor universiteit willen wij zijn?

Volgens Jan Smits moet je juist aan de universiteit meningen horen waar je het niet mee eens bent

04-04-2022 · Opinie

“Ongelooflijk”, schreef Jan Smits, decaan van de rechtenfaculteit, afgelopen week in een tweet naar aanleiding van het oorverdovend stilzwijgen in de Universiteitsraad over de cyberaanval op Observant. De gebeurtenis staat volgens hem niet op zichzelf, “het gaat om de waarden van onze universiteit. Het academisch en open klimaat wordt bedreigd”.

In 2017 werd ik decaan. Ik hield toen op met mijn column voor Observant: als bestuurder moet je vooral zélf open staan voor kritiek en dat vond ik niet te verenigen met de rol van columnist. Maar recent gebeurden er dingen waar ik, als lid van de UM-gemeenschap, niet over kan zwijgen. Ik noem er drie. Eén: in zijn laatste vergadering weigerde de Universiteitsraad om de laffe (en strafbare) DDoS-aanval op Observant, waardoor de site van het blad drie dagen plat lag, te veroordelen ondanks een oproep daartoe van één van de leden. Twee: ik hoor dat er universitaire medewerkers zijn die niet langer met Observant willen spreken omdat zij het blad als ‘transfoob’ en haatdragend ervaren. Hiermee verwijzen zij naar de weigering van de redactie om in een artikel over het neerleggen van gratis maandverband in de UM-wc’s te schrijven over “menstruerende mensen” in plaats van over “vrouwen die menstrueren”. Drie: vorig jaar vond op de UM een bijeenkomst plaats over het fenomeen Zwarte Piet waar aan alle witte aanwezigen werd gevraagd om de zaal te verlaten.

Zelfcensuur

Dit is niet de universiteit waar ik voor sta. In de kwestie rond de DDoS-aanval gaat het, anders dan de U-Raad lijkt te denken, niet om Observant. Het gaat, net als in de twee andere voorbeelden, om de waarden van onze universiteit. Mijn universiteit is er een waarin iedereen zich vrij voelt om te zeggen wat men wil én waarin dit zonder belemmering door anderen kan worden weersproken. Dat is voor mij de kern van het academisch en open klimaat. Dat klimaat wordt bedreigd. Niet door een beperking van de vrijheid van meningsuiting, maar door zelfcensuur. Wie durft nog in te gaan tegen woke uitspraken als je gelijk als racist of transfoob wordt gecanceld?

Laten we vooral voorkomen dat we straks niet meer weten hoe we het met elkaar oneens kunnen zijn, een situatie die zich inmiddels aan veel Amerikaanse universiteiten voordoet – lees het recent in het Nederlands vertaalde De betutteling van de Amerikaanse geest van Haidt en Lukianoff. Voor de duidelijkheid: ik vind de kritische houding van wokisten fantastisch. Het constant bevragen van anderen – en zeker van de gevestigde orde – over hoe inclusief en rechtvaardig hun taalgebruik of opvattingen zijn, is zeer welkom. Zelf studeerde ik in een tijd – de jaren tachtig – waarin dat veel te weinig gebeurde. Maar dat betekent niet dat wie een andere opvatting heeft, zich niet óók vrij moet voelen om die te uiten.

Safe space

Misschien moet ik op één punt nog explicieter zijn. Het cancelen van taalgebruik of afwijkende opvattingen draagt – anders dan sommige wokisten denken – niet bij aan het creëren van een veilige omgeving of ‘safe space’. Juist aan de universiteit moet je meningen horen waar je het niet mee eens bent. Niet om anderen te beledigen, maar om discussie op gang te brengen. Is dat niet ook de kern van ‘global citizenship education’? Die meningen mogen vervolgens worden bestreden met alle argumenten die je hebt, maar je kunt de ander niet sommeren om die meningen niet langer te uiten. De enige echte ’safe space’ is de ruimte waar we het met elkaar oneens kunnen zijn. De universiteit heeft tot taak de voorwaarden voor die ruimte te scheppen – zowel letterlijk als figuurlijk. Dat gebeurt niet door mensen uit te sluiten, maar door te luisteren en ruimte te geven, ook aan wat sommigen ervaren als ‘gevaarlijke’ meningen of ‘gevaarlijke’ woorden. En uiteraard: het staat ook weer iedereen vrij om deze opvatting van mij – een witte middelbare man die gevaarlijk hoog scoort op de zeven vinkjes – te bekritiseren.

De Universiteitsraad heeft in zijn volgende vergadering een nieuwe kans om de (nogmaals: strafbare) DDoS-aanval tegen  Observant – en daarmee tegen de UM – te veroordelen. Ik ga er van uit dat dit gebeurt. Maar het is niet genoeg. Laten we binnen onze universiteit vooral een breder debat voeren over hoe we omgaan met de mening van de ander.

Jan Smits, decaan Faculteit der Rechtsgeleerdheid

 

Auteur: Redactie

Foto: archief Jan Smits

Tags: jan smits, cancelcultuur, academisch klimaat, cyberaanval, u-raad, universiteitsraad, zwarte piet, woke, zelfcensuur, vrijheid van meningsuiting

Reacties

Puck Barton

Interessant punt dat Jan Smits hier maakt - weliswaar zichzelf tegensprekend. Kennelijk moeten we haatdragende artikelen maar slikken, waarin transgender personen uitgewist worden, verkondigt wordt dat zij de nodige zorg niet verdienen en maar moeten kiezen tussen mannen- en vrouwentoiletten, ook wanneer dat hen oncomfortabel en onwelkom doet voelen, en in die zin dus verkondigd wordt dat deze mensen niet welkom zijn op deze universiteit. Deze zelfde Jan Smits is intussen wel op zijn teentjes getrapt als hij niet welkom is bij een anti-Zwarte Piet-bijeenkomst. Kennelijk is deze uitsluiting slechts relevant als hijzelf er niet door uitgesloten wordt. Beetje hypocriet misschien?

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.