“Je conformeert je, bang dat je buiten de groep belandt”

“Je conformeert je, bang dat je buiten de groep belandt”

Interview met sociaal psycholoog Karlijn Massar over ontgroeningen

12-10-2022 · Achtergrond

Ontgroeningen zullen niet verdwijnen, excessen evenmin. “Al eeuwenlang, in allerlei culturen, zien we inwijdingsrituelen”, zegt Karlijn Massar, universitair hoofddocent aan de psychologiefaculteit. Bovendien is alles wat er gebeurt te verklaren vanuit de sociale psychologie: het feit dat ‘nullen’ steeds een stapje verder gaan, zelfs als het vernederend wordt. En de ouderejaars die aan de touwtjes trekken? “Die hebben de macht. Met als risico dat het makkelijk kan escaleren.” 

Halverwege de vorige eeuw toonde de Pools-Amerikaanse sociaal psycholoog Solomon Asch hoe we reageren op groepsdruk. Een aantal proefpersonen moest hardop zeggen welke van drie lijnen (A, B, C) even lang was als de getoonde X-lijn. Het antwoord was overduidelijk, maar omdat alle anderen, die in het complot zaten, een fout antwoord gaven, ging de nietsvermoedende proefpersoon erin mee. En dat terwijl hij wist dat het niet klopte. “Je conformeert je. Je bent bang dat je buiten de groep belandt”, legt Massar uit. “Omdat iedereen het doet, doe jij het ook, dat is heel logisch. Voor jongvolwassenen, van 17 tot 25 jaar, is ‘erbij horen’ het allerbelangrijkste.”

Nullen

Daarnaast noemt Massar een ander gedragspatroon dat verklaart waarom aspirant-leden stug doorgaan tijdens een ontgroening, ook als het minder fijn en gezellig wordt: the escalation of commitment. “Er wordt in eerste instantie iets kleins van je gevraagd, dat doe je. Daarna volgt een groter verzoek en nog een. Het wordt steeds moeilijker om ‘nee’ te zeggen.” Volgens Massar wordt de nieuwelingen steeds opnieuw een wortel voorgehouden, nog even doorzetten en dan mag je bij ‘ons’ horen. “Hoe verder je komt in dat proces, hoe meer je ervan overtuigd raakt dat het ‘t wel waard zal zijn.”

Bij Circumflex heten de aspirant-leden ‘nullen’. Die worden aangesproken met ‘nul 26’ of ‘nul 84’. Nick Sanders, die in 2016 voorzitter was van de vereniging, zei destijds in Observant, in een artikel over de ontgroeningen en de UM-gedragscode, dat hij dat “niet vernederend” vindt. Massar: “Door mensen te reduceren tot een ‘nulnummer’ geef je ze een label, kun je ze makkelijker behandelen als een ‘ding’. Bovendien versterkt dit het wij-zij denken. Je zag het in de Abu Ghraibgevangenis in Irak, waar Amerikaanse soldaten Iraakse gevangenen mensonterend behandelden. We zagen foto’s van gevangenen met een kap over hun hoofd. Dat is ook een manier om mensen te dehumaniseren.”

Groot geheim

Wie op een koude septemberavond, moe en hongerig, buiten in een rij staat en wordt afgeblaft, zoals de student aan Observant vertelde, moet toch denken: ‘In wat voor slechte film ben ik terecht gekomen?’
Massar: “Hoe je je op dat moment behandeld voelt, komt niet overeen met je normen en waarden, met je attitude en dat merk je op, je ziet het jezelf ondergaan. Cognitieve dissonantie, noemen we dat. Maar je gedrag pas je niet aan, vanwege de groepsdruk en commitment, dus het enige dat je nog kunt aanpassen zijn je normen en waarden.”

Binnen de verenigingen wordt vaak gevraagd om alles over de ontgroening intern te houden, daarom is het zo lastig om studenten te vinden die erover willen praten. Massar: “Het is not done om erover te vertellen. Veel verenigingen hebben een strikte hiërarchie en duidelijke regels, je weet als lid waar je je aan moet houden. Bovendien praten ze meestal goed wat er is gebeurd, ‘ik ben nu lid, ik heb er alles voor gedaan en het was het waard’. Daarbij maak je het gebeuren klein, zo van ‘het viel wel mee’. Dat is ook een psychologisch proces. Uiteindelijk vergoelijkt iedereen in zo’n vereniging wat er heeft plaatsgevonden.”

Verbeterplan

Tragos werd na misstanden tijdens de ontgroening, begin september, gestraft door de Universiteit Maastricht. Ze krijgen pas hun verenigingsstatus terug als ze met een fatsoenlijk verbeterplan komen. Dit om te voorkomen dat studenten tijdens ontgroeningen grenzen overgaan, zo hoopt het college van bestuur.
Of het verbeterplan gaat werken? Massar heeft er een hard hoofd in. “Ouderejaars die tijdens een introductiekamp de bocht uitvliegen, zullen hun gedrag niet betitelen als machtsmisbruik of grensoverschrijdend. Zij zijn een ‘submaatschappij’ met eigen normen en waarden, dus maakt het hen ook niet uit wat de ‘echte’ maatschappij ervan vindt. Bovendien zien we al eeuwenlang, in allerlei culturen, inwijdingsrituelen. Vooral voor jongens die hun mannelijkheid moeten bewijzen op weg naar volwassenheid. Er zijn inheemse stammen in Noord-Amerika waar jongemannen wekenlang geïsoleerd leven en hongerlijden. Bij de Matis indianen moeten ze allerlei proeven ondergaan: tijdelijke zelfverblinding, mishandelingen, zweepslagen. Die riten zijn moeilijk op te heffen. Zo lastig is het ook voor verenigingen met jarenlange tradities.”

Studentenvereniging KoKo staat bekend als minder hiërarchisch dan Tragos en Circumflex. Bovendien kennen ze geen ontgroening. “Zij hebben een andere manier om betrokkenheid en groepsvorming te creëren. Er zijn disputen, jaargroepen, met elk hun eigen kleding en naam. Dat zijn subgroepjes die zich onderscheiden van de rest, wederom het wij tegen het zij. En ook daar speelt groepsdruk. Het zal net zo lastig zijn om na de kennismakingstijd te vertrekken bij KoKo als bij Circumflex.”