Uniek in Nederland maar niet zonder risico’s

Uniek in Nederland maar niet zonder risico’s

Integratieplannen openbaar

28-01-2026 · Nieuws

MAASTRICHT. Het hele verhaal rondom de integratie tussen de universiteit en het ziekenhuis ligt nu eindelijk op tafel. Waarom het moet? Niet alleen zouden beide instellingen er beter van worden, maar ook Limburg, Europa, zelfs de wereld, zo melden de bestuurders. Deze keer wordt ook de ‘kwetsbare positie’ genoemd, bedreigingen vanuit politiek Den Haag die hen zouden kunnen treffen, zoals bezuinigingen op zorg en het beperken van de internationale studenteninstroom.

Voor het eerst sinds de aankondiging van de bestuurlijke integratie tussen de universiteit en het ziekenhuis in juni 2023 zijn er stukken openbaar. Deze werden dinsdagnamiddag op intranet UMployee gepubliceerd. Zowel de medezeggenschaporganen als bestuurders hebben tot nu toe alleen maar achter gesloten deuren vergaderd. Maar – een nieuw geluid – voor de verdere invulling wil men “brede betrokkenheid” van de gemeenschap. Diverse gremia van beide instellingen zullen in februari of maart ja of nee zeggen. Rood licht valt eigenlijk niet te verwachten. De plannen - in totaal tweehonderd pagina’s - zijn in zo’n vergevorderd stadium dat afwijzing ervan bijna ondenkbaar lijkt. Gaat alles door, dan volgt een ‘transitiefase’ van een tot anderhalf jaar.

Maastrichts model

In de documenten gaat het over strategische keuzes voor vier inhoudelijke thema’s (o.a. duurzaamheid en gezonde samenleving), over HR, cultuurverschillen en studentenwelzijn, maar volgt ook een antwoord op de vraag hoe zo’n gigantische organisatie met meer dan tienduizend medewerkers en 23 duizend studenten zal worden gerund. Het governanceplan is omgedoopt tot ‘Maastrichts model’: uniek in Nederland omdat nergens een universiteit in haar geheel bestuurlijk samengaat met een academisch ziekenhuis.
Uitkomst is dat het huidige college van bestuur van de UM verdwijnt en dat er een vijfkoppig bestuurscollege komt met twee voorzitters: een die zich buigt over zorg, dus de facto de 'baas' van het ziekenhuis, én een universitaire voorzitter, de rector, die onderwijs en onderzoek in portefeuille heeft. Daarnaast zijn er drie leden met aparte aandachtsgebieden (financiën, personeelszaken, valorisatie en impact). Opvallend detail is dat er unaniem besluiten moeten worden genomen (“om een praktijk van bondjes vormen te voorkomen”). Komen ze er niet uit, dan mag de (nieuwe, in elkaar geschoven) Raad van Toezicht van de ‘geïntegreerde kennisinstelling UM-MUMC+/azM’ (een hele mond vol) zich erover buigen.

Eén begroting

Er verandert bestuurlijk niets voor de faculteiten Psychology and Neuroscience, rechten, Arts and Social Sciences, Science and Engineering en de School of Business and Economics. De leiding blijft bij de decanen en hun faculteitsbesturen.
De grootste verandering geldt voor de faculteit Health, Medicine and Life sciences (FHML). Die komt samen met het ziekenhuis onder één bestuur met de decaan van de FHML als vice-voorzitter en de ‘baas’ van het MUMC+ als voorzitter. Het plan? Eén strategie, één beleid, één begroting. Daarmee verschilt deze constructie niet veel van andere Nederlandse UMC’s. Door nu echter de hele universiteit aan het ziekenhuis te koppelen (er komt immers één kennisinstelling met een vijfkoppig bestuurscollege), hoopt de UM de FHML binnenboord te houden.

Helen Mertens en Rianne Letschert
 Foto: Appie Derks MUMC+

Helen Mertens van het MUMC+ zei al in april 2024, in een duo-interview met UM-collegevoorzitter Rianne Letschert, tegen Observant dat er genoeg voorbeelden in het land zijn – ze noemde Leiden en Rotterdam – waar een geïntegreerd UMC “is afgedreven” en op te grote afstand van de rest van de universiteit staat. Onwenselijk, vonden beiden. Letschert, eerder daarover: “Als die faculteit naar het UMC zou gaan, zouden we ‘m kwijt zijn.” Dat zou ten koste gaan van de andere. Dus proberen ze nu de boel bij elkaar te houden.

Schrikbeeld

Wat schiet de hele UM hiermee op? Vanaf het begin is gehamerd op de bundeling van kennis, meer slagkracht, een robuuste organisatie en de aantrekkelijkheid voor studenten en staf. Maar nu worden ook de meer defensieve redenen duidelijk: de ligging in de periferie van Nederland, in een regio met een krappe arbeidsmarkt en een toenemende zorgvraag, twee relatief jonge instellingen met een beperkte omvang: dat alles maakt kwetsbaar, klinkt het. Daarbij komen dan nog de druk door landelijke bezuinigingen op onderzoek en zorg, het inperken van de aantallen internationale studenten, evenals plannen voor concentratie van hoogcomplexe specialistische zorg; dat laatste is een schrikbeeld voor het ziekenhuis.

Nogmaals wordt gehamerd op het behoud van het eigen karakter en de autonomie van beide instellingen. Er mogen nog steeds eigen keuzes worden gemaakt, zoals de invulling van onderwijs en onderzoek in de faculteiten. De academische vrijheid blijft gewaarborgd.

Cultuurverschillen

Wat er verder is onderzocht: een nieuw centrum ‘studentenwelzijn’ (loket in Randwyck) en HR-zaken, cultuur en leiderschap. Met een pijnlijk rapport dat vlak voor kerst naar buiten kwam over sociale veiligheid in het ziekenhuis (die laat behoorlijk te wensen over) is dat laatste een belangrijk onderwerp. Uit dat MUMC+-rapport, waartoe het bestuur zelf opdracht had gegeven na een aantal crises, blijkt dat er hard gewerkt zal moeten worden aan het heersende wantrouwen, angst en een afstandelijke bestuurlijke top.

Voorlopig zullen beide instellingen hun eigen cao handhaven. De hogere lonen binnen het ziekenhuis worden dus niet maatgevend, ook niet voor de FHML-medewerkers. Dat dit tot frictie en frustratie kan leiden wordt erkend. Daar moet veel over gecommuniceerd worden, heet het.
Cultuurverschillen? Ja, die zijn er, maar ook overeenkomsten. Beide werken “mensgericht, waarden-gedreven en maatschappelijk georiënteerd”. Academische vrijheid is een groot goed binnen de UM. Besluitvorming verloopt er echter een stuk trager dan in het ziekenhuis dat resultaatgerichter en hiërarchischer werkt, concludeert men. Volgens de nogal optimistische werkgroep zouden de verschillen geen belemmering moeten vormen, maar juist “bewust worden verbonden” voor meerwaarde.
Aan de ondersteunende diensten wordt vooralsnog niet gemorreld. Wel wordt er nagedacht over “een nader te bepalen shared service” centrum.

Gevaren

Stel, de medezeggenschapsorganen geven groen licht. Wie houdt vervolgens de vinger aan de pols? Daar heeft een ad-hoc commissie zich over gebogen (met onder andere emeritus-hoogleraar André Knottnerus en gezondheidseconoom, prof. Wim Groot die zich kritisch heeft uitgelaten over de plannen in zijn columns in Observant). Zij benoemen belangrijke risico’s die door een nog te vormen interne commissie in de gaten moeten worden gehouden. Want, staat er, “een enkele majeure verandering", hoe groot de daaraan verbonden kansen ook, is niet zonder gevaar. Denk aan de mogelijke dominantie van het ziekenhuis of de universiteit, de angst voor een ‘gezondheidsuniversiteit’, maar ook een onevenwichtige verdeling van geld tussen de verschillende wetenschappelijke disciplines, minder ruimte voor academische vrijheid, onderschatting van cultuurverschillen en het risico op bureaucratisering.

In juni 2023 kondigden de Universiteit Maastricht en het MUMC aan samen onder één bestuur verder te willen gaan. Deze integratie is de afgelopen jaren voorbereid en wordt de komende tijd besproken in de medezeggenschapsraden en andere overlegorganen.

Lees in ons dossier meer over de integratieplannen

Auteur: Wendy Degens

Illustratie: Simone Golob

Tags: fusie, bestuurlijke integratie, ziekenhuis, azm, mumc+, um, universiteit, rianne letschert, mumc, raden, instemmingsrecht, medezeggenschap

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.