Universiteitsbestuur beweegt omzichtig rond Palestinaprotesten

In juni 2024 werd het University College Maastricht beklad.

Universiteitsbestuur beweegt omzichtig rond Palestinaprotesten

Een analyse: het Israëlisch-Palestijns conflict op Maastrichts universiteitsterrein

05-06-2025 · Analyse

MAASTRICHT. Veiligheid, demonstratierecht, vrijheid van meningsuiting: goed omgaan met het pro-Palestijnse studentenprotest en Joodse manifestaties is een balanceeroefening voor het college van bestuur van de Universiteit Maastricht. Na ruim anderhalf jaar vol demonstraties en een bezetting lijkt het of iedere situatie opnieuw wordt gewogen. Intussen blijft het wachten op een definitieve uitspraak over het wel of niet verbreken van banden met Israëlische instellingen. De eerste bevindingen van de speciale onderzoekscommissie liggen momenteel bij het college.

De rectoren van alle Nederlandse universiteiten, UM-rector Pamela Habibović incluis, spraken zich deze week in een opinie-artikel uit voor academische vrijheid. Die, schrijven ze, is niet langer vanzelfsprekend. Ze zijn bezorgd over onder meer de interne druk, doelend op de vele pro-Palestijnse protesten en de polarisatie rond het Gaza-conflict: “De vrijheid om te denken en te spreken wordt bedreigd.” Hoe gaat bestuur van de Universiteit Maastricht met deze vrijheid om? Kan iedereen er demonstreren, binnen en buiten faculteiten? Zeggen wat en waar ze willen, of naar eigen inzicht sprekers uitnodigen?

Ingrijpen

Op de vraag van Observant, in april 2024, of je mag demonstreren in universiteitsgebouwen, antwoordde collegevoorzitter Rianne Letschert: zeker. Zolang onderwijs en onderzoek maar niet verstoord worden, zoals studentengroep Free Palestine Maastricht even daarvoor gedaan had. Daarmee was voor Letschert “wel een grens bereikt”. Hoe hard die grens is, bleek ruim een jaar later. Op 13 mei 2025 trok opnieuw een pro-Palestijnse protesttocht door de binnenstad, onder meer door de rechtenfaculteit. Daar had het onderwijs last van, maar dat werd getolereerd. Omdat, zei rechtendecaan Jan Smits die dag, het niet te lang duurde en ingrijpen tot alleen maar meer gedoe zou leiden. “Dat doe ik alleen als de veiligheid van mensen in gevaar komt”, licht hij desgevraagd toe.

Laveren dus, om escalatie te vermijden, een houding die ook het college-optreden in dezen kenmerkt. Dat kondigde diezelfde week aan voorlopig “zeer terughoudend” te zijn met het toelaten van externe sprekers over het politiek beladen Gaza-thema (bijeenkomsten met interne sprekers – studenten of medewerkers – mogen gewoon doorgaan). Reden? De veiligheid kan niet altijd gegarandeerd worden. Eerst moet duidelijk zijn wat er misging op 12 maart, toen pro-Palestijnse studenten een lezing van de pro-Israëlische Rawan Osman verstoorden – het onderzoek daarnaar loopt nog altijd, einddatum onbekend. Wat terugkijkend wel duidelijk lijkt, is dat de locatie, op Tapijn, op de begane grond en met veel ramen, niet goed gekozen was.

Kestenbaum

En dus mocht, met een beroep op veiligheidsredenen, de Joods-Amerikaanse activist Shabbos Kestenbaum onlangs niet spreken op UM-terrein. Tot chagrijn van de organiserende studentenvereniging IJAR, die vond dat haar vrijheid van meningsuiting geschonden werd.

Want intussen vertelde de Palestijnse fotojournalist Mohammed Alzanoon bij dialoogplatform OmniUM in Tapijn Z over zijn ervaringen in Gaza. Hij is in Nederland in het kader van het Safe Haven-programma van het Amsterdamse onderzoeksinstituut NIAS. Daaraan draagt de UM financieel bij, wat Alzanoon in de ogen van het college een interne spreker maakt. Ook verschillende pro-Palestijnse bijeenkomsten gingen intussen door, omdat de sprekers ‘intern’ zijn.

Zwichten

Waarom de veiligheid daarbij beter te garanderen is, blijft onduidelijk. Je kunt interne sprekers inderdaad aan de universitaire gedragscode houden, zoals rector Pamela Habibović tegen Observant zei. Maar dat zal activisten die buiten een gebouw staan te roepen en op de ramen slaan – zoals op 12 maart gebeurde – niet zonder meer afschrikken. De UM maakt zich daarmee kwetsbaar voor het verwijt te zwichten voor de groep die het meeste lawaai maakt (iets dat Habibović desgevraagd overigens categorisch ontkende).

Intussen blijven pro-Palestijnse studenten ‘walk-outs’ houden omdat ze de “institutionele stilte” meer dan beu zijn. Ze eisen immers van meet af aan dat de Maastrichtse bestuurders het Israëlisch optreden in Gaza veroordelen en de banden met Israëlische instellingen verbreken. Toen er na wat geaarzel – het college vond aanvankelijk dat een verklaring over Gaza geen recht kan doen aan alle nuances – in november ’23 een statement kwam, werden daarin “alle handelingen waarbij onschuldige slachtoffers vallen” veroordeeld. Onvoldoende, oordeelden de activisten: “Waarom spreekt de Universiteit Maastricht zich niet uit tegen genocide?”

Ook het ‘bevriezen’ van de banden met Israëlische instellingen in afwachting van nader onderzoek kreeg de handen van pro-Palestijnse studenten niet op elkaar. De speciale onderzoekscommissie begon vorige maand met haar werk.

UPDATE 6 juni: De eerste bevindingen liggen momenteel op het bureau van het College van Bestuur, uiterlijk in juli wordt de universitaire gemeenschap daarover ingelicht. Een definitief rapport moet "na de zomervakantie verschijnen", meldt de commissie op intranet UMployee en in de centrale studentennieuwsbrief.

Dialoog

En de door het college zo gewenste dialoog over Israël en Gaza? Die komt nog altijd maar moeizaam van de grond. Zo ging een ‘dialoogtafel’ begin 2024 niet door omdat “de kans op verstoring te groot” werd geacht: de beoogde moderator had een “verontrustende mail van Students for Palestine” gekregen.

Ook is er geen formele, regelmatige dialoog tussen actievoerders en college van bestuur. Wat daarbij niet helpt, is dat de verschillende pro-Palestijnse groepen in Maastricht – anders dan in sommige andere universiteitssteden – geen gezamenlijke woordvoerder hebben en niet altijd even gemakkelijk te benaderen zijn. Met wie moet je als college nou precies in gesprek, verzuchtte voorzitter Letschert vorig jaar al in Observant: “Ik heb contact met een deel van de demonstranten, maar een ander deel is niet aangesloten bij Free Palestine Maastricht of studeert misschien helemaal niet aan de universiteit.”

En de banden met Israëlische instellingen?

De samenwerking met Israëlische instellingen verbreken: de Nijmeegse Radboud Universiteit en de Universiteit van Tilburg zetten die stap onlangs. Dit naar aanleiding van adviezen van commissies die oordeelden dat de Israëlische partners van deze universiteiten direct betrokken zijn bij mensenrechtenschendingen in Palestijnse gebieden. De Amsterdamse UvA schortte inmiddels een uitwisselingsprogramma op, terwijl het bestuur van de Universiteit Utrecht een onderzoeksproject en een uitwisselingsprogramma gaat opzeggen.

Maastricht beweegt veel trager: het toetsingskader (het ‘Human Rights Due Diligence-framework’), dat eind mei 2024 werd aangekondigd, werd pas begin dit jaar goedgekeurd door de universiteitsraad. Daarmee moet een commissie bepalen of partners van de UM schone handen hebben. Het duurde tot april 2025 voordat de samenstelling van de Maastrichtse commissie bekend werd, in mei ging ze van start. Israël is een van de eerste drie ‘pilots’. 

UPDATE: Een definitief rapport moet "na de zomervakantie verschijnen", meldt de commissie op intranet UMployee en in de centrale studentennieuwsbrief.

Foto: Observant

Tags: Israel,Gaza,Palestina,Universiteit Maastricht,College van Bestuur,Pamela Habibovic,Rianne Letschert,Protesten,Demonstraties

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.